Wandel het Pieterpad

Het Pieterpad ontstond 41 jaar geleden op initiatief van twee vriendinnen uit Tilburg en Groningen, Toos Goorhuis-Tjalsma en Bertje Jens. Zij liepen in 1978 spontaan van Groningen naar Tilburg. In die tijd waren er geen Nederlandse LAW’s en dat vonden de dames jammer. Daarom vatten ze het plan samen om een eigen route te maken. Daarbij bedachten ze dat de Pieter-plaatsen mooi konden dienen als begin en eind. Ruim vijf jaar waren ze bezig met het uitstippelen van de route, die in 1983 officieel geopend werd in Vorden. Het traject bleek een ware magneet voor wandelaars, naar schatting hadden in 2009 al meer dan een miljoen mensen (een deel van) het Pieterpad gelopen.
Meestal wordt het Pieterpad opgedeeld in twee grote delen: de noordelijke helft van Pieterburen naar Vorden, en de zuidelijke van Vorden naar de Sint-Pietersberg. Bij elkaar zijn deze twee helften ruim 500 kilometer lang, verdeeld over 26 etappes van 11 tot 24 kilometer. De bewegwijzering is formidabel; verdwalen is lastig. Vanaf 2008 is het Pieterpad grondig vernieuwd, waarbij ervoor gezorgd is dat de route nu meer over onverharde paden en door natuurgebieden loopt. Onderweg wandel je dan ook door zeer uiteenlopende landschappen.
In het eerste deel van de route wandel je achtereenvolgens door het historische Winsum (recent uitgeroepen tot mooiste dorp van Nederland), Groningen-stad en vestingstadje Coevorden en door de provincies Drenthe, Overijssel en Gelderland. De eerste kilometers wandel je door een open landschap van akkers en kleine dorpskernen, in het begin met vlagen zoute zeelucht die je aan de waddenklei van het beginpunt Pieterburen doet denken.
Naarmate je zuidelijker komt, neemt de bosrijke omgeving toe en daarmee de geuren van alle planten en bomen die daar groeien. Zo nu en dan waait ook de boerderijlucht je tegemoet. In het onbewoonde en veelal rustige boerenlandschap van Drenthe word je regelmatig verrast door hunebedden, grafheuvels en brinken met hun eigenzinnige sfeer. En de typisch Drentse huizen met rieten daken maken het plaatje helemaal compleet. Heidevelden kom je ook in deze regio tegen, met name rondom de Drentsche Aa, een van de weinige oorspronkelijk meanderende beken van ons land.
Eenmaal voorbij de veenmoerassen van het Drents Plateau begint het Vechtdal, een natuur gebied vlak bij de Duitse grens dat bezig is met een voorspoedige opmars. Mooi zijn de levendige rivierduinen en uiterwaarden die je langs de Vecht treft. Op het wandelpad naar Ommen vormt de Vecht je gids. Vervolgens wandel je van Ommen naar Holten door de glooiende heuvels van de Sallandse Heuvelrug. Eenmaal in de Achterhoek gaan de heuvels over in loofbossen en grasvelden rondom de oud-Hollandse boerderijen, tot je uiteindelijk bij het middelpunt van de route in Vorden uitkomt.

Al vroeg in het tweede deel verlaat je de Achterhoek en maak je kennis met een landschap van kleinschalige bossen en landbouw, van elkaar gescheiden door beken en sloten. Verderop duik je het beboste heuvellandschap van Montferland in, om aan de andere kant te belanden in het Rijndal en de uiterwaarden van natuurgebied De Gelderse Poort, waar flora en fauna van vroeger herstellende zijn. De Gelderse Poort moet de schakel vormen tussen de natuurgebieden over de grens en de Veluwe.
Met de pont steek je over naar Millingen aan de Rijn, waar je door een glooiend landschap naar Groesbeek trekt. Even verderop kom je in Gennep, bekend om zijn zestiende-eeuwse stadhuis. Hier betreed je ook het stroomgebied van de Maas, wat heerlijk wandelen is. Karakteristiek voor dat stroomgebied (en anders dan we meestal gewend zijn in Nederland) zijn de terrassen oevers die in de IJstijd hun vorm kregen. Hoe zuidelijker je komt, hoe meer oude, katholieke kapellen en kerken je treft en hoe meer de omgeving afwijkt van het typisch bewerkte, Nederlandse landschap.

De laatste tientallen kilometers maken het onstuimiger. Het zijn afwisselende etappes waarin je zowel grotere steden – Venlo, Sittard – als intieme dorpjes doorwandelt en daarnaast voor een deel in de Maasnatuur vertoeft. Maar ook daarbuiten omvat het gebied veel wilde groei, hier en daar doorstroomd door klaterende beekjes. Je kijkt er je ogen uit. Tussen Sittard en het eindpunt bij Maastricht krijg je de kers op de taart: het prachtige heuvellandschap van Zuid-Limburg, inclusief Sint-Pietersberg.

Oorspronkelijk had het Pieterpad geen duidelijk eindpunt, maar in 2016 is dat er alsnog gekomen op het uitkijkpunt op de ENCI-groeve. Ter ere van het 40-jarige jubileum van de route, heeft Natuurmonumenten dit uitkijkpunt in 2023 gemarkeerd met een grote schilderlijst. De bedoeling is dat je deze lijst gebruikt om een afsluitingsfoto van je route te maken. Een echte selfie-plek dus!










